Tertio 1139 - Van de ene verrassing in de andere

Analyse archieven Pius XII

Van de ene verrassing in de andere

Over paus Pius XII blijven misverstanden de ronde doen. Zogezegd sprak hij zich niet publiekelijk uit tegen het nazisme en de jodenvervolging, waardoor hij mee verantwoordelijk zou zijn voor de dood van vele joden. Nu paus Franciscus de archieven uit de periode van Pius XII openstelde, blijkt het omgekeerde waar: via een geheim kantoor binnen het Staatssecretariaat en een internationaal netwerk wist hij duizenden joden te redden.

Emmanuel Van Lierde

De archieven van Pius XII vormen ook een goudmijn voor de geschiedenis van ons land tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. Onderzoekster Élisabeth Bruyère (KADOC) doorploegt de vele Vaticaanse documenten op zoek naar waardevolle informatie over gebeurtenissen en personen uit ons land. Dat leidt voortdurend tot merkwaardige ontdekkingen.

De dossiers van het Staatssecretariaat zijn gerangschikt per land. Dat maakt dat de meeste documenten met betrekking tot België te vinden zijn in het “Belgio”-dossier. “Dat wil evenwel niet zeggen dat er niet ook elders zaken opduiken, zoals bij de ‘algemene zaken’ of in andere landenseries. Zo bevatten het Frankrijk- en het Engelanddossier heel wat over de hulp aan Belgische vluchtelingen in de oorlog. En dan is er nog Belgisch-Afrika waarvoor het dossier ‘Congo Belga’ de hoofdbron is. Je mag tot slot de archieven van de andere Vaticaanse dicasteries niet vergeten. Nog veel materiaal is te vinden buiten het Staatssecretariaat. Zo vind je bij de Propaganda Fide (vandaag de Congregatie voor de Evangelisatie van de Volkeren, nvdr) brieven uit Congo en Ruanda-Urundi of in het Apostolisch Archief correspondentie van de nuntius in België”, verduidelijkt Élisabeth Bruyère.

Oostfronters

Al die bronnen inventariseren vergt heel wat tijd. “De hoeveelheid documenten is fenomenaal en België is dan nog een kleine natie. Wat een schat aan informatie bevindt er zich in de Vaticaanse archieven. Het Vaticaan heeft netwerken over de hele wereld. Daardoor zijn ze over bijna alles op de hoogte. Per dag komen er honderden brieven aan in het Staatssecretariaat en die worden ook beantwoord. Bijgevolg stoot ik er op een goudmijn aan informatie over onze politici, over de maatschappelijke en religieuze situatie in België, over de bezetting, de collaboratie en het verzet, over het communisme, over de koningskwestie en de schoolstrijd, over bisschopsbenoemingen, over de kajotters, over de kolonisatie… En dan spreek ik nog niet over individuen: info over clerici, bisschoppen, het koningshuis, bepaalde families”, vervolgt de onderzoekster. Een cruciale figuur in die oorlogstijd is aartsbisschop Jozef Ernest Van Roey (1874-1961). “Ik krijg een heel ander beeld van hem te zien in de Vaticaanse archieven dan het gebruikelijke in onze geschiedschrijving. Ik begrijp dat klassieke beeld van hem zelfs niet goed als ik de bronnen in Rome lees. Doorgaans wordt hij omschreven als iemand die zich makkelijk aanpaste aan het nieuwe regime, bijna als een toegeeflijk iemand. Natuurlijk poogde hij de belangen van de kerk te verdedigen, maar dat beeld van een meegaande man is zeker verkeerd. Verder onderzoek zal uitwijzen of dat beeld moet worden bijgesteld.”

 


Élisabeth Bruyère. © rr

 

Bruyère geeft als voorbeeld een brief die ze vond van Van Roey aan staatssecretaris Luigi Maglione (1877-1944), waarin het gaat over de Oostfronters. “Iemand had bij de aartsbisschop geklaagd dat zij geen geestelijke begeleiding genoten aan het front. Van Roey vond dat verzoek om aalmoezeniers onbegrijpelijk. Hij legde aan de staatssecretaris uit wat Oostfronters zijn en vond het onzinnig hen spiritueel bij te staan, want in zijn ogen waren het verraders. Die moest je niet steunen. Hij schreef: ‘Zij hebben het Duitse uniform aangetrokken en vechten voor Duitsland, terwijl die mogendheid België onrechtmatig is binnengevallen, terwijl die het Belgische volk onderdrukt, slecht behandelt en foltert door het aan een onmenselijk en barbaars regime te onderwerpen’. Volgens de Duitse propaganda strijden ze tegen het bolsjewiekse gevaar en om de Europese beschaving te redden, vervolgde hij, maar hij zag andere gevaren: de Duitsers en wie met hen collaboreert, vormen ‘een rechtstreekse bedreiging voor ons vaderland, de katholieke kerk en de gehele menselijke beschaving’. De ‘gezonde’ Belgische bevolking zou niet begrijpen dat wij hen steunen, concludeerde Van Roey. Zo’n brief ontdekken, is voor mij een aha-erlebnis.”

Pius XII wordt verweten te hebben gezwegen. De Nederlandse kardinaal Johannes de Jong (1885-1955) had wel zijn stem verheven, met alle gevolgen van dien. Welke houding nam het Belgische episcopaat aan? “De bevolking was duidelijk trots op de houding van de geestelijkheid tijdens de oorlog. Zo was er na de oorlog een affiche van de katholieke jeugd om de bisschoppen te bedanken voor hun ‘vaste leiding’ in de oorlog. Slechts enkele clerici collaboreerden. De meerderheid deed gewoon haar job en stond de mensen in nood bij. Al vroeg tijdens de bezetting beseften de Belgische geestelijken dat ze weinig speelruimte hadden. De kerk werd voortdurend aangevallen. Rechtstreeks in het verzet gaan, was zowat uitgesloten. De enige optie was in het geheim actie ondernemen. Zo bestond er een netwerk van clerici die poogden joden te helpen. De Luikse bisschop Lodewijk Jozef Kerkhofs was daarbij betrokken en in de archieven ontdekte ik ondertussen dat ook Brugs bisschop Henricus Lamiroy in 1939 probeerde visa voor Brazilië te regelen voor een familie van joodse origine. Voor de invasie was de nuntius eveneens druk in de weer met het verkrijgen van visa. Mogelijk vinden we over zulke reddingsacties voor Belgische joden meer in de Ebrei files”, zegt de projectmedewerker van KADOC. “Eigenlijk brengt mijn archiefwerk me van de ene verrassing naar de andere.”  III

 

Bio

Élisabeth Bruyère (1990) is afkomstig uit Luik en studeerde daar rechten. Daarna maakte ze aan de UGent een doctoraal proefschrift over rechtsgeleerde en historicus François Laurent (1810-1887). Om de antiklerikale houding van de liberale hoogleraar en zijn botsing met de bisschoppen nader te onderzoeken, raadpleegde Bruyère de Vaticaanse archieven. Daar vernam ze dat weldra de archieven van Pius XII zouden worden geopend en dat wekte haar interesse. Het zette haar ertoe aan de master in samenleving, recht en religie te volgen aan de faculteit Kerkelijk Recht van de KU Leuven. Paradoxaal genoeg dreef de studie van een antiklerikaal haar steeds meer naar kerk en geloof. Ze aarzelde dan ook niet toen ze in april 2021 de kans kreeg als projectmedewerker van KADOC, het documentatie- en onderzoekscentrum voor religie, cultuur en samenleving van de KU Leuven, naar Rome te trekken om de archieven van Pius XII te doorzoeken op documenten die handelen over gebeurtenissen of personen in ons land.

kadoc.kuleuven.be/vaticana_piusxii

Meer lezen (pdf, enkel voor abonnees)

Tertio in je mailbox

Geef hieronder je e‑mailadres in en blijf als eerste op de hoogte van Tertio inhoud.

Ja, ik geef mijn toestemming om mijn naam- en adresgegevens, telefoon en email, op te nemen in het bestand van het christelijke opinieweekblad Tertio, Louis Frarynlaan 75, 2050 Antwerpen. Ik heb het recht op toegang tot, verbetering of schrapping van die gegevens. Mijn gegevens worden niet aan derden doorgegeven. ​