Tertio 523 - De weg naar geestelijke vrijheid en blijheid

Benedictijn Benoît Standaert belicht de praktijk van het vasten

De weg naar geestelijke vrijheid en blijheid

Vandaag, met Aswoensdag, begint de veertigdagentijd. Van oudsher is dat een tijd van meer toeleg op het bidden en de naastenliefde, maar die boetetijd wordt vooral geassocieerd met ‘de vasten’. Welk werkwoord schuilt er achter dat zelfstandig naamwoord? Benedictijn Benoît Standaert delft uit de traditie de ware betekenis van ‘het vasten’ naar boven.Emmanuel Van Lierde | “Van alle wereldgodsdiensten zijn de westerse christenen de enigen die geen verstand meer hebben van wat vasten betekent. Het is een van de meest vergeten praktijken uit het arsenaal van goede instrumenten voor een geestelijk bevrijd leven”, vindt benedictijn Benoît Standaert. De Catechismus van de katholieke kerk zegt niets zinnigs over de vastenpraktijk en verwijst door naar het Kerkelijk wetboek, dat over dat onderwerp al even sober is. Er zijn maar twee dagen in het jaar waarop het vasten wordt aanbevolen: Aswoensdag en Goede Vrijdag. Zestigplussers hoeven niet langer te vasten en ook voor andere groepen bestaan dispensaties.“De vastenpraktijk werd zo buitenspel gezet. Zelfs de religieuze gemeenschappen nemen de vasten niet meer ernstig. Er bestaat geen klooster waar een hele dag niet wordt gekookt. Er zou opstand uitbreken als zo’n vastendag wordt opgelegd”, vermoedt Standaert. “Vasten heeft iets bedreigends. Het raakt aan ons gevoel voor zelfbehoud en we hebben schrik om onze verwendheid te doorbreken.” De moslims openen door hun vastenmaand, de ramadan, de westerling de ogen voor de vreugde die de vasten in hun gemeenschappen brengt. Het vasten leidt niet tot droefheid, maar tot wijsheid, geestelijke vrijheid en blijheid. Daarom breekt Standaert een lans voor het herinvoeren van de vastenpraktijk in het christendom waarbij mensen van alle slag – niet alleen de vromen of de specialisten: de priesters en de religieuzen – een etmaal lang niet eten. De christelijke traditie had altijd weet van de rijkdom van die praktijk en het is dan ook de hoogste tijd om die schat weer op te delven.“Allereerst helpt het vasten het innerlijke oog te verruimen. Wie vast, wint tijd. Zo kun je meer waken, mediteren bij de Schrift en bidden. De lichamelijke onthouding schept de ruimte om je geestelijk te voeden”, weet de benedictijn. “Het stemt je ook anders tegenover je medemensen. Je zoekt minder het conflict en het geeft je meer geduld en zachtmoedigheid. Door het vasten ga je behoedzamer om met je energie, je wordt geduldiger en trager in al wat je doet. Als je daadwerkelijk de vastenpraktijk beoefent, beïnvloedt dat je hele leven. Het zorgt voor een bekering en er ontstaat een grote geestelijke vrijheid.”Een cultuur die niet meer vast, wordt volgens Standaert een levensgevaarlijke cultuur. “Denk aan het tweede scheppingsverhaal. Daar duikt het gebod op: ‘Je zult niet eten van die ene boom’. Er wordt een grens gesteld dat je niet zomaar alles zult verorberen. Wie niet vast, dreigt gewelddadig om te gaan met de schepping en de medemensen, want hij kent geen grenzen. Wie te vol is van zichzelf, verplettert de anderen. Pas wie bereid is zich terug te trekken, maakt ruimte voor de ander. Volgens een joodse traditie trok ook God zijn buik in om ruimte te maken voor de schepping. God vast op zichzelf om plaats te maken voor ons. Vasten getuigt van een immense eerbied. Het is een reddende daad voor de schepping”, vindt de benedictijn.Eigenlijk verleerde de westerling dat er een tijd is voor alles. Hij wil alles tegelijk. In het leven zou er een evenwicht moeten zijn tussen uitbundige en sobere momenten. Ooit zei bisschop Fulton Sheen: “Ik ken maar twee levensfilosofieën: de eerste begint met het vasten en eindigt in het feest; de tweede begint bij het feest en eindigt met schele hoofdpijn.” Westerse christenen verleerden het uit te zien naar een feest. De veertigdagentijd biedt hen een uitgelezen kans zich voor te bereiden op het paasfeest, maar grijpen ze die kans?“Wij leven zo dat we elke dag een reden tot feesten hebben. We leven 365 dagen in de paastijd”, merkt de benedictijn schamper op. “Tijdens de vasten ben je gericht op het feest en het visioen dat komen gaat. Door die gerichtheid is de vasten een blij gebeuren. Toch is het ook een tijd van rouwen omdat de bruidegom er nu niet is. Jezus’ leerlingen vastten niet omdat de bruidegom Christus in hun midden was, maar zodra Hij uit het zicht verdween, werd er gevast. Het gemis en het lijden nopen tot vasten. Vandaar dat je ook uit solidariteit met het lijden van anderen kunt vasten”, besluit Standaert. Tien geboden van de dokterDe Brugse dokter Koen Vandewalle heeft dertig jaar ervaring met vastentherapie. Wie echt wil vasten, raadt hij volgende tips aan die de gezondheid ten goede komen:Drink onmiddellijk na het opstaan 25 centiliter water.Doe na het opstaan 5 minuten turnoefeningen, liefst in de buitenlucht.Neem daarna een wisseldouche: 2 minuten warm water, dan 10 seconden koud en opnieuw.Eet uiterst traag: een mondvol per minuut en een slok per 10 seconden. Geen tussendoortjes.Wat je eet, moet volwaardig voedsel zijn, biologisch geteeld en zeer gevarieerd.Wees zeer sober met vlees, suiker, koffie, frisdranken, alcohol, tabak en televisie.Drink tussendoor veel water of kruidenthee, liefst tot 2 liter per dag.Veel rusten is noodzakelijk. Ga vroeg slapen en hou eventueel een siësta.Wie lang gezond wil leven, moet veel in de buitenlucht vertoeven. Een uur per dag wandelen, fietsen of werken in de tuin valt aan te raden.Ga vredelievend en vreugdevol door de dag, want er is zoveel om dankbaar voor te zijn. (EVL)

» Meer lezen (pdf, enkel voor abonnees)

Tertio in je mailbox

Geef hieronder je e‑mailadres in en blijf als eerste op de hoogte van Tertio inhoud.

Ja, ik geef mijn toestemming om mijn naam- en adresgegevens, telefoon en email, op te nemen in het bestand van het christelijke opinieweekblad Tertio, Louis Frarynlaan 75, 2050 Antwerpen. Ik heb het recht op toegang tot, verbetering of schrapping van die gegevens. Mijn gegevens worden niet aan derden doorgegeven. ​