Tertio 569 - Brussel gedicht

Het hart:

Brussel gedicht

De mémoires van een klokhuis Klokhuis zei aan stoeprand: eertijds was ik in de lente een bloesem wit en rose, een wonder van de natuur. De zomer bracht ik in open lucht door witte wormen hebben mij niet gekregen spreeuwen schrokken zich een kleur in de fleur mijner jaren werd ik als roodgroene jonagold voorzichtig geplukt. Nu lig ik er afgeknaagd bij, tot op het bot, wie zette tanden in mijn vruchtvlees? Stoeprand zei aan klokhuis: een mooi klein blond meisje deed het heel zorgvuldig tot wat je nu bent en gelukkig prakte ze je niet tot moes.

» Meer lezen (pdf, enkel voor abonnees)

Tertio in je mailbox

Geef hieronder je e‑mailadres in en blijf als eerste op de hoogte van Tertio inhoud.

Ja, ik geef mijn toestemming om mijn naam- en adresgegevens, telefoon en email, op te nemen in het bestand van het christelijke opinieweekblad Tertio, Louis Frarynlaan 75, 2050 Antwerpen. Ik heb het recht op toegang tot, verbetering of schrapping van die gegevens. Mijn gegevens worden niet aan derden doorgegeven. ​