Tertio 581 - ‘Interventie zal islamradicalisme doen afnemen’

Ghasm Nagaa, ex-gevechtspiloot voor Khadafi, vluchteling in België

‘Interventie zal islamradicalisme doen afnemen’

De militaire interventie in Libië is tien dagen bezig. Een Libische vluchteling in ons land vertelt waarom de internationale militaire actie tegen Khadafi volgens hem een goede zaak is. Jan De Volder | “Ik was zo blij toen ik hoorde dat de Veiligheidsraad het licht op groen zette voor militaire actie tegen het regime van kolonel Mouammar Khadafi. Ik dacht aan de zes miljoen Libiërs. Ik hoorde hoe velen feestend op straat kwamen. Diegenen die bang waren, kregen weer moed.” Aan het woord is Ghasm Nagaa, een Libische vluchteling die al ‘in tempore non suspecto’ de drijvende kracht was achter de Lybian Working Group, een oppositiegroep in ons land tegen Khadafi. In 2005 vluchtte hij het land uit, hij vroeg en kreeg politiek asiel in ons land. “Ik was 22 jaar lang een gevechtspiloot in het Libische leger. Toen een neef van mij, ook een piloot, in 1992 met een vliegtuig naar Kreta ontsnapte, kreeg ik problemen. Ik werd voortdurend in het oog gehouden, gecontroleerd en op de proef gesteld.” In 2005 werd het hem te veel en ontvluchtte hij samen met zijn gezin het land. De militaire vorming van de man speelt mee in zijn analyse. Van bij het begin van de opstand tegen Khadafi was hij ervan overtuigd dat de opstandelingen het zonder buitenlandse militaire hulp niet zouden rooien. De opstandelingen hebben weinig ervaring, de Khadafigezinden hebben dat veel meer. Bovendien deed die onbeperkt een beroep op Afrikaanse huurlingen die voor het riante loon van 1.000 dollar per dag bereid zijn eender wat te doen. “Khadafi kan zich verbergen, maar hij kan dit geen weken of maanden uitzingen. Het is belangrijk dat de coalitietroepen niet alleen de no-flyzone afdwingen, maar ook de tanks en troepen buiten de steden uitschakelen. Want als Khadafi’s troepen eenmaal in de steden zitten, wordt het moeilijk hen daaruit te krijgen zonder burgerslachtoffers te maken.” De deelname van Amerika en de Europese landen zal het beeld van het Westen in de Arabische wereld verbeteren, daar is Nagaa van overtuigd. “De aanvallen in Irak en Afghanistan werden gezien als aanvallen tegen de islam. Tegelijk dachten de meesten dat het Westen achter de dictators stond, en zeker achter Khadafi. Nu zien de mensen dat dit niet klopt. Ik ben er zeker van dat dit de moslimradicalen de wind uit de zeilen zal halen.”Nagaa, zelf een Berber, hoopt op een toekomst van democratie en vrijheid voor Libië. “Het is nu nog niet te zeggen wie de toekomstige machthebbers zullen zijn. Laat ons eerst maar verkiezingen houden. Dan zien we wel.” Dat Libië aan etnische twisten ten prooi zou uiteenvallen, gelooft hij niet. “Khadafi heeft de rivaliteit tussen de stammen opgepookt, onder meer door veel geld uit te delen. Het is zoals de stroom vluchtelingen die hij nu op Europa dreigt los te laten.” Khadafi kon altijd het Westen afdreigen met de redenering: het is mij of de chaos. Maar dat gaat volgens de opposant niet langer op. Wat moet er met Khadafi gebeuren? “Het liefst van alles zou ik hem voor het Internationaal Strafhof in Den Haag zien”, zegt Nagaa. “Want hij en zijn zonen zijn het Libische volk veel uitleg verschuldigd. In de voorbije veertig jaar heeft hij zoveel gestolen, zijn er zoveel mensen vermist en vermoord of psychisch ziek geworden. Daar moet hij zich voor verantwoorden.”Kerk in ongemakkelijke positiePaus Benedictus XVI sprak zich na het Angelus-gebed van zondag, 27 maart, uit voor een stopzetting van het geweld in Libië en voor een hervatting van de diplomatie. De oproep komt er na tien dagen van ongemakkelijke Vaticaanse stilte. De katholieke kerk staat sinds de desastreuze ervaring van de Wereldoorlogen en sinds het Tweede Vaticaans Concilie uiterst huiverig tegenover oorlog. Toch sluit haar leer de inzet van militaire middelen niet principieel uit. De theorie van de rechtvaardiging van oorlog stoelt echter op het principe dat de inzet van wapengeweld gelegitimeerd moet zijn, maar ook niet meer chaos en ellende mag veroorzaken dan de situatie die men wil oplossen. Die rekening kun je echter pas achteraf maken. De apostolische vicaris van Tripoli, Giovanni Innocenzo Martinelli, sprak zich uitdrukkelijk uit tegen ‘Odyssey Dawn’. Volgens hem lost geweld niets op en hij suggereerde dat dit herinnert aan het koloniale verleden. Maar anderen binnen de kerk lijken toch geneigd de internationale coalitie het voordeel van de twijfel te geven.Vergelijken we even met andere recente gevallen. In 1999 kantte Johannes Paulus II zich tegen de Navo-aanvallen op het regime van Slobodan Milosevic. Die waren ook bedoeld om een minderheid – in dit geval de Albanezen van Kosovo, moslims nota bene – te beschermen. Maar het probleem voor Rome was dat dit zonder een mandaat van de Veiligheidsraad gebeurde. Johannes Paulus II kantte zich ook tegen de interventie in Afghanistan in 2001 – staatssecretaris Angelo Sodano was positiever – en zeker tegen de Amerikaans-Britse inval in Irak. Die laatste vond tegen de wil van de meeste naties plaats. Wat Johannes Paulus II ter harte ging, was zeker de perceptie van een ‘kruistocht’ en het lot van de christelijke minderheden in moslimlanden. In het geval van Libië is er zowel een mandaat van de VN-Veiligheidsraad als een bijna unanieme vraag van alle Arabische landen. Al bespeelde de Russische eerste minister, Vladimir Poetin, toch even die snaar, toch ontkracht dat iedere mogelijke vergelijking met een ‘christelijke kruistocht tegen de islam’ onderuit. Meest van al speelt wellicht nog de herinnering aan het drama in Rwanda in 1994: toen trok de internationale gemeenschap zich terug, met de bekende genocide tot gevolg.  Ook in de Libische crisis kan die overweging spelen: de militaire interventie voorkomt misschien veel bloedvergieten. Al valt zoiets achteraf altijd moeilijk aan te tonen. (JDV)

» Meer lezen (pdf, enkel voor abonnees)

Tertio in je mailbox

Geef hieronder je e‑mailadres in en blijf als eerste op de hoogte van Tertio inhoud.

Ja, ik geef mijn toestemming om mijn naam- en adresgegevens, telefoon en email, op te nemen in het bestand van het christelijke opinieweekblad Tertio, Louis Frarynlaan 75, 2050 Antwerpen. Ik heb het recht op toegang tot, verbetering of schrapping van die gegevens. Mijn gegevens worden niet aan derden doorgegeven. ​