Tertio 977 - Dodendans houdt spiegel voor

Dodendans houdt spiegel voor

Vroeg of laat wordt ook u uitgenodigd voor de laatste dans. Dood en dans zijn sinds mensenheugenis overal ter wereld met elkaar verbonden. In het middeleeuwse Europa werd dit “heidense” gebruik door de kerk uitgebannen. In Tertio nr. 977 van 31/10/2018 leest u hoe de traditie toch kroop waar ze niet gaan kon en zich nestelde in de beeldtaal van het christelijke memento mori met een stoet skeletten en stervelingen die een afspiegeling van de maatschappij waren.

Johan Huizinga stelde In zijn Herfsttij der Middeleeuwen (1919) dat de macabere opvatting van de dood een grote cultuurgedachte werd op het einde van de middeleeuwen. “Er raakte in de voorstelling van de dood een nieuw, aangrijpend fantastisch element gemengd, een rilling, die opkwam uit het bewustzijnsgebied van ijzige spokenvrees en klamme schrik.” De middeleeuwse mens wist maar al te goed wat hem te wachten stond na het aardse leven. Daar werd hij, telkens als hij ter kerke ging, omstandig aan herinnerd. Je kon maar beter een voorbeeldig leven leiden als je niet door de duivel de hel ingejaagd wou worden. De taferelen van het Laatste Oordeel in portalen, muurschilderingen en altaarstukken kwamen echter niet tegemoet aan de verbeelding van het stervensuur. Hoe kon men het vluchtige overgangsmoment van leven naar dood het best uitbeelden? Hier kwam de dodendans op de proppen.

Het ontstaan van de dodendans wordt doorgaans in verband gebracht met “de waanzinnige 14de eeuw” toen pest, oorlog en hongersnood een grootschalige confrontatie met de dood teweegbrachten. Dat het motief doorheen de 15de eeuw, toen de pest niet meer zo hevig woedde, aan populariteit won, laat vermoeden dat ook andere zaken meespeelden.

Mogelijk is er een relatie met de moord in 1407 op ’s konings broer, Lodewijk van Orléans, in opdracht van zijn neef, de Bourgondische hertog Jan zonder Vrees, die de burgeroorlog tussen de Armagnacs en Bourguignons deed losbarsten. Maar ook het vertrouwen in de kerkelijke instellingen stond op een laag pitje. Er gingen steeds meer stemmen op die pleitten voor hervormingen en de persoonlijke verantwoordelijkheid van de gelovige benadrukten. De opkomst van de dodendans zou men in die context kunnen beschouwen als een oproep aan elk individu om voor een voorbeeldige levenswandel te kiezen en zo voorbereid te zijn op het onberekenbare moment van de dood. Tegelijk kreeg de elite – zowel de kerkelijke als wereldlijke – een flinke veeg uit de pan en werden wantoestanden vrijmoedig aangeklaagd en gevisualiseerd. Het volk zal ongetwijfeld genoten hebben van de scherpe kritiek, terwijl het zelf ook wel bespottelijk gemaakt werd, maar wel met een vleugje clementie van de kant van de dood.

Abonneer of vraag een proefnummer via www.tertio.be

Tertio in je mailbox

Geef hieronder je e‑mailadres in en blijf als eerste op de hoogte van Tertio inhoud.

Ja, ik geef mijn toestemming om mijn naam- en adresgegevens, telefoon en email, op te nemen in het bestand van het christelijke opinieweekblad Tertio, Louis Frarynlaan 75, 2050 Antwerpen. Ik heb het recht op toegang tot, verbetering of schrapping van die gegevens. Mijn gegevens worden niet aan derden doorgegeven. ​