Franciscus huwt de armoede: fresco in Assisi van Giotto di Bondone. © Wikimedia
Een van de meest treffende verhalen uit de franciscaanse traditie illustreert de kern van deze spiritualiteit. Op een ijskoude winterdag loopt Franciscus van Assisi met broeder Leo naar hun klooster. Leo stelt hem de vraag waarin de “volmaakte vreugde” schuilt. “Niet in grote kennis, niet in het doen van wonderen en zelfs niet in het bekeren van alle ongelovigen”, zegt Franciscus. “Maar als we straks verkleumd aankomen bij de poort en de portier ons niet herkent, ons uitscheldt en in de sneeuw laat staan en als wij deze verwerping met geduld en liefde aanvaarden, dan ligt daarin de volmaakte vreugde.” Die scène is niet zomaar een vrome les in nederigheid. Ze legt een diep, ontregelend inzicht bloot: Franciscus claimt geen enkel recht, zelfs niet het recht om binnen te mogen in zijn eigen klooster. Hij wijst het principe van eigendom en juridische claims radicaal af. Tegenover de logica van rechten, bezit en maatschappelijke geldingsdrang plaatst hij een manier van zijn die zich volledig aan de greep van de wet en de economie onttrekt.
Verder lezen?
Log in op jouw Tertio account en lees meteen verder
Nog geen account? Neem een digitaal abonnement en lees meteen verder.
Of maak een Tertio proefaccount aan en lees 1 maand gratis online!
Lees ook...
“Ik vond God in een moskee”
Wie bedelt, is zichtbaar onzichtbaar


