Amerikaans vicepresident J.D. Vance bezoekt de H. Grafkerk. © Wikimedia

“Machteloosheid is vrijheid”
In Niet in onze naam trekt Mark Van de Voorde fel van leer tegen het accapareren van het christendom door identitaire politici en ideologieën. De oud-journalist en publicist analyseert vlijmscherp hun achterliggende motieven en laat zien hoe zij de democratie willen vernietigen. Tegelijk is hij niet mals met zijn kritiek op de Kerk: die blijft afwezig in het debat.

Dat populisten zich beroepen op het christendom heeft volgens Mark Van de Voorde alles te maken met geheugenverlies. Mensen weten niet meer wat het geloof inhoudt, en laten zich daarom in de luren leggen. Tegelijk missen ze houvast. De autocratische leider pretendeert dat te bieden en gebruikt daar ongegeneerd religie voor. Een figuur als Donald Trump krijgt voor zijn aanhangers messiaanse kenmerken: “In de brute, lawaaierige populist zien ze de heiland die het land zal redden. Zijn personencultus vervangt het geloof dat ze al jaren kwijt zijn. Zijn rally’s vervangen de liturgie die ze al jaren hebben verlaten. Zijn wraakzuchtige retoriek vult de leegte van de vergeten morele voorschriften. Zijn portret vervangt het beeld van de lijdende Christus op het kruis. God vloeit langzaam samen met hem.” 

Zelfgekozen domheid

De auteur gaat breed in op het gevoel van zinloosheid en de angst voor de vrijheid die dit fenomeen in onze tijd mee mogelijk maken. Politici spelen in op de levensbeschouwelijke leegte en het verlangen om die zonder al te veel complexiteit te vullen. Dat ze daar het christendom voor kunnen gebruiken heeft te maken met het verdwijnen van de religie. “Waar de christelijke godsdienst voor staat, daar taalt de massa niet naar. Ten andere, waar zou ze het moeten vragen?”, zegt Van de Voorde. De middenveldorganisaties zijn marktspelers geworden en de Kerk is in de marge beland. Resultaat is dat in een soort van “zelfgekozen domheid” mensen kiezen voor extreemrechts gedachtengoed dat het christendom recupereert als “ons erfgoed” en gebruikt voor uitsluiting en autocratie – wat dwars op de sociale leer van de Kerk staat.

Ideologische vuilniswagen
Daarom moet de Kerk spreken. “Omdat God niet met zich laat sollen, mag de Kerk ook niet met haar geloof laten sollen. Zij mag en moet zich verzetten tegen politici die de christelijke boodschap misbruiken, en tegen een politiek beleid dat de waardigheid van de mens afhankelijk maakt van kleur, taal, gender, religie of andere (toevallige) kenmerken.”

In het christelijk geloof staat immers het tegendeel centraal: barmhartigheid en verzoening. En het daarmee gepaard gaande besef van onvolmaaktheid en zondigheid, iets wat autocratische leiders net niet hebben. 

De kwestie gaat overigens niet enkel over het verkeerd voorstellen van het geloof. Het grote gevaar van onze tijd is dat radicaal-rechtse politici, hun ideologen en hun raadgevers de vernietiging van de democratie op het oog hebben. In hun wereld zal het vervangen van de democratie door autocratie de christelijke beschaving kunnen redden. Niets is minder waar. Van de Voorde schuwt geen stevige beeldspraak: “Als de democratie op de schroothoop wordt gegooid, zullen ook die deugden uit de politiek en het publieke leven worden opgehaald door ideologische vuilniswagens en in de verbrandingsovens van het fascisme worden gegooid. Daarom alleen al moeten christenen de verdediging van de democratie op zich nemen.”

Laatste verdedigingswal
Een kernvraag in deze kwestie: wie kan zeggen wat christelijk is en wat niet? Van de Voorde stelt dat alleen de Kerk dat nog kan, omdat ze de enige hoeder is van dit geloof. De Kerk had het lang lastig met de Verlichting en de democratie. Het is dus een beetje paradoxaal dat zij de democratie moet redden. “Toch lijkt het er stilaan op dat het christelijk geloof de laatste verdedigingswal wordt tegen de aanvallen op de democratie, de meningsvrijheid en de Verlichting”, stelt Van de Voorde. Dat kan ze nu ook, omdat ze machteloos is. Maar dat is net een voordeel: “De Kerk moet helaas nog wennen aan haar toestand van machteloosheid en nog leren beseffen dat die machteloosheid haar het gezag van de vrijheid verleent (…) Voor machteloos gezag is moed nodig. Die moed zal de Kerk sieren in haar strijd voor recht, geweten en vrijheid”, aldus de auteur.

“Het christelijk geloof is een godsdienst van verantwoordelijkheid.”

Maar dan moet de Kerk wel stoppen met valse bescheidenheid te koesteren. Het christelijk mens- en wereldbeeld staat aan de basis van de Verlichting en de democratie. Daarom hoort de Kerk die wortels te laten zien en voor die verworvenheden te strijden. Van de Voorde lanceert een niet mis te verstane oproep om in actie te schieten: “Christenen, sta op, breek uit de ketenen van uw (valse) bescheidenheid en verkondig handenvrij de Blijde Boodschap van vrijheid en verbondenheid, van hoop en liefde, van geloof en vertrouwen.” Het is voor hem onbegrijpelijk dat de bisschoppen zwijgen, of hoogstens in verhulde taal spreken.

Geloofsgemeenschappen
Niet enkel de bisschoppen, ook de geloofsgemeenschappen moeten hun verantwoordelijkheid nemen. Ze kunnen door “bezielde reflectie en geleefde solidariteit kernen van herbronning zijn in een samenleving die haar morele antwoorden dreigt te vergeten en haar verbondenheid dreigt te verliezen”, aldus Van de Voorde. De diaconale voorbeeldfunctie is daarin essentieel, net zoals bij de eerste christenen. Barmhartigheid, verbondenheid en nabijheid zijn er de kernpunten van. “De maatschappelijke kracht van het christendom is de raakbaarheid, ook als de maakbaarheid stopt”, klinkt het kernachtig.

Zingeving
Daarnaast zien we ook dat de samenleving op zoek is naar zingeving. Daar heeft de Kerk een schat aan antwoorden. Ze moet de kans krijgen die ook te delen. “Daarom mag en moet ze de overheid vragen deel te hebben aan het publieke debat. Zonder bezieling en inspiratie is ook de democratie niet te redden.” Dat is geen vermenging van religie en politiek. “Christenen mogen aangeven dat macht in dienst van de mens moet staan.” Het christelijk geloof moet zich wel bezighouden met maatschappelijke vraagstukken, want het is een godsdienst van verantwoordelijkheid. Zo komt Van de Voorde opnieuw tot de centrale these waarmee hij het boek afsluit: “Het een christelijke plicht om de democratie te verdedigen. Tegen het populisme, tegen de autocratie en tegen de
antidemocratie zegt de christen: nee, niet in onze naam, want we hebben de democratie nodig.” 

Mark Van de Voorde, Niet in onze naam. Oproep tot christelijk verzet tegen populisme en antidemocratie, Otheo Books, 2025, 192 blz. Bestellen kan via depeerle@telenet.be

Boeiend artikel? Deel het dan met je vrienden via:

Verder lezen?

Log in op uw Tertio account en lees meteen verder

Nog geen account? Neem een digitaal abonnement en lees meteen verder.
Of maak een Tertio proefaccount aan en lees 1 maand gratis online!

Lees ook...

Inloggen

Nog geen abonnee? Koop makkelijk en veilig uw abonnement.
Enkel digitaal lezen? Neem een digitaal abonnement.

Sluiten

Tertio nieuwsbrief

Interessant artikel? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en blijf zo op de hoogte van al onze nieuwste bijdragen, evenementen en aanbiedingen.