Grappen zetten ons wereldbeeld op zijn kop. Is dat niet precies wat ook God doet door bijvoorbeeld een ezel te kiezen om daarop Jezus, de Koning der Koningen, Jeruzalem te laten binnenrijden? (Palmesel, 11de eeuw, Landesmuseum Zürich) © Wikimedia
De schrijver van het oudtestamentische Bijbelboek Prediker laat er geen misverstand over bestaan: er is een tijd om te wenen, en er is een tijd om te lachen. Jezus op zijn beurt, echter, komt uit het evangelie absoluut niet als een lachebek of schaterzuchtige figuur tevoorschijn: terwijl Hij vrij veelvuldig tranen stort, en menigmaal in woede ontsteekt, barst Hij slechts een enkel keertje uit in gejuich en gejubel, meer bepaald dan nadat Hij vervuld van de heilige Geest is geraakt en “Satan als een lichtflits uit de hemel” heeft zien vallen. (Lc. 10, 18-21)
Verder lezen?
Log in op uw Tertio account en lees meteen verder
Nog geen account? Neem een digitaal abonnement en lees meteen verder.
Of maak een Tertio proefaccount aan en lees 1 maand gratis online!
Lees ook...
Geen eindpunt, maar een begin
En nu… op naar de toekomst



