© Pexels
“Religie is tegenwoordig alomtegenwoordig”, hoor je wel eens zeggen. En inderdaad, ik beaam het: in de reclame, op theezakjes, in films, in hypes rond zingeving – op velerlei wijzen en in een veelvoud van vormen. En ook hier treft het me. Ik sta, net als al die andere stervelingen, in de rij te wachten voor het inchecken, overgeleverd aan voorschriften en administratie. Ik onderga het gedwee en kijk wat rond.
Voor mij in de rij staat een jonge man. Niet zozeer hij trekt mijn aandacht, wel zijn lichtgrijze hoodie. U weet wel, zo’n oversized trui met kap. Op de achterkant lees ik een merknaam die verwijst naar wat essentieel zou zijn: in grote letters staat er “Essentials”. Daaronder, in iets kleinere letters, de boodschap: “Fear of God”.
Drie woorden, recht uit de Bijbelse wijsheidsliteratuur: “Fear of God”. In de oude Nederlandse vertalingen wordt het uitgedrukt als ‘de vreze Gods’; in de Nieuwe Bijbelvertaling adequater als ‘ontzag voor de Heer’. Ik vraag me af of de jongen weet wat er op zijn rug staat. Meer nog: weten de ontwerpers van die kledinglijn wat die woorden betekenen? En waarom ze die boodschap op hun truien drukken?
In de Bijbel gaat het om een fundamenteel respect voor God, geworteld in de orde van de schepping; om ontzag voor God als grond en horizon van het bestaan; om een levenshouding die wezenlijk onderscheid maakt tussen goed en kwaad en streeft naar gerechtigheid.
Wat willen deze ontwerpers zeggen met zo’n trui? Kennen ze de betekenis van de uitdrukking? U zou zelfs verder kunnen doordenken: is het een onderwerps- of een voorwerpsgenitief? Gaat het om ‘vrees voor God’, geworteld in een godsbeeld van een afschrikwekkende rechter die zielen weegt? Of om ‘de vrees van God’: een God die stilaan genoeg heeft van een wereld die doldraait met mensen op de dool? Waar gaat het hen om? En waartoe roepen ze op?
Ik ken het antwoord niet. Wat ik wel weet: nog geen half uur later zie ik, op weg naar de gates, opnieuw een jonge man met een gelijkaardige trui. Alweer God op een hoodie. Deze keer een zwarte, met in witte letters: “Wild God”.
“Ik vraag me af of de jongen weet wat er op zijn rug staat”
Wat ik me daarbij moet voorstellen, is me nog minder duidelijk. Een God die met mensen speelt? Die zijn grillen uitwerkt op machteloze schepsels? Of een God die grootse, ongetemde dingen doet? Een ‘wilde’ God: het is een attribuut dat ik niet meteen in mijn referentiekader een plaats kan geven…
In elk geval, opnieuw hoodiereligie! God op een te grote, hangende trui, op de rug van mensen onderweg van (n)ergens naar (n)ergens. Misschien ontbreekt er in de collectie nog een variant: ‘Travelling God’, de God die meereist, telkens weer mee op tocht gaat. Dat zou pas echt Bijbels zijn.
En als het dan nog een God is die de weg wijst, dan zal het – mét of zonder hoodie – op een dag wel lukken om aan te komen in het Ergens waar mensen hun leven lang naar zoeken.

Bénédicte Lemmelijn brengt Bijbelse verzen bij het leven vandaag. Een boek dat de bijbel laat zien als een bron van diep vertrouwen op de ultieme Liefde die ons bestaan draagt en stuwt, die we God noemen. Bestellen kan via depeerle@telenet.be
Verder lezen?
Log in op uw Tertio account en lees meteen verder
Nog geen account? Neem een digitaal abonnement en lees meteen verder.
Of maak een Tertio proefaccount aan en lees 1 maand gratis online!
Lees ook...
“Dit is geen gewone kantoorjob”
Mens worden



