De Arabische Lente, die eind 2010 in Tunesië begon, heeft alvast niet de verhoopte resultaten opgeleverd. In Tunesië, Libië en Egypte werden dictators ten val gebracht, maar een toonbeeld van vrijheid en democratie zijn die landen echter niet geworden. Daar trekken de nieuwe machthebbers in Damascus hopelijk de nodige lessen uit. Ook de kwalijke gevolgen van de manier waarop werd afgerekend met het regime van Saddam Hoessein in Irak en de huidige toestand in Afghanistan kunnen bij het uitstippelen van de toekomst van het nieuwe Syrië maar beter in rekening worden gebracht.
“De val van het Syrische regime is een reden tot hoop”
Intussen maken enkele buurlanden van Syrië van de toestand in het land gebruik om een eigen agenda door te drukken. Turkije wil de Koerden gefnuikt zien en het regime in Israël wil Damascus op de Golanhoogte (en daarbuiten) blijkbaar voor voldongen feiten stellen. Die laatste heeft Syrië met bombardementen preventief verzwakt. De weg naar de hoofdstad Damascus ligt nu in zekere zin open.
Sint-Paulus
In straaljagervlucht ligt Damascus slechts 216 kilometer van Jeruzalem. In de tijd van Saulus van Tarsus – de latere Sint-Paulus – zou die reis wellicht enkele dagen in beslag hebben genomen. Wat Saulus in Damascus van plan was te doen, was allesbehalve een toonbeeld van religieuze tolerantie; in zijn brief aan de Galaten geeft hij toe dat hij een fanatiekeling was die de Kerk van God vervolgde en haar trachtte uit te roeien. Hij herinnerde zijn lezers eraan hoe ver hij het gebracht had in de joodse godsdienst: “vele leeftijdgenoten onder mijn volk overtreffend in mijn grenzeloze ijver voor de overlevering van mijn voorouders” (Galaten 1,14).
In de Handelingen van de Apostelen wordt onomwonden gesproken over zijn “ziedende woede die nog steeds de leerlingen van de Heer bedreigde”. Hij trok naar Damascus om “alle aanhangers van de Weg die hij zou vinden, mannen zowel als vrouwen, gevangen naar Jeruzalem te mogen voeren” (Handelingen 9, 1-2).
Toen Saulus Damascus echter naderde, “omstraalde hem plotseling een licht uit de hemel”. “Hij viel te aarde en hoorde een stem die hem zei: “Saul, Saul, waarom vervolgt gij Mij?” (Handelingen 9, 4). De bekering van Sint-Paulus die het gevolg daarvan was, had grote gevolgen voor de volgelingen van Jezus en wordt gevierd op 25 januari – aan het einde van de gebedsweek voor de eenheid onder de christenen en een maand na Kerstmis.
Inkeer
Op Kerstavond opende paus Franciscus de Heilige Deur van de Sint-Pietersbasiliek en gaf daarmee meteen ook het startschot voor het Jubeljaar dat Pelgrims van Hoop als thema heeft. De val van het Syrische regime op 8 december na 13 jaar oorlog is alvast een reden tot hoop, en niet alleen voor de christenen in het land. Hopelijk komt de hele regio in het nieuwe jaar tot rust en komt er een einde aan het bloedvergieten en aan de bombardementen. Hopelijk zwijgen in 2025 ook de wapens in Oekraïne en elders in de wereld waar conflicten worden uitgevochten die niet meer dagelijks het televisienieuws halen.
“Laten we in dit Jubeljaar hopen dat politieke verantwoordelijken, die heimelijk misschien kwade bedoelingen koesteren, tot inkeer zullen komen voor ze anderen zware schade berokkenen.”
Pelgrims laten al eeuwenlang hun vertrouwde omgeving achter zich op zoek naar iets beters. De tocht van Sint-Paulus naar Damascus was zeker geen pelgrimstocht want hij had duidelijk kwade bedoelingen. Wat hem op de weg naar Damascus overkwam, is geen bekering in de moderne zin van het woord. Hij stapte immers niet over naar een andere godsdienst. Hij kwam tot inzicht, of inkeer.
Laten we in dit Jubeljaar hopen dat politieke verantwoordelijken, die heimelijk misschien kwade bedoelingen koesteren, hun weg-naar-Damascusmoment mogen beleven en tot inkeer zullen komen voor ze anderen zware schade berokkenen.
Meer opinies van
Ludwig De Vocht
VN vieren vrijwilligers
Vrede op aarde
Duizend namen
Inloggen
Nog geen abonnee? Koop makkelijk en veilig uw abonnement.
Enkel digitaal lezen? Neem een digitaal abonnement.
